Terug
 

Waar is het dikgedrukte woord fout gespeld? [7]

Waar is het dikgedrukte woord fout gespeld? [7]

 
 
  1. De bakker had geen wisselgeld voor Henk.
  2. Een tractor mag meestal niet op een vierbaansweg rijden.
  3. Hans wilde dansen, maar er zat een puneise in zijn voet.
  4. De bejaardenverzorgster zorgde met veel liefde voor oma.
Waar is het dikgedrukte woord fout gespeld?
A B C D