Terug
 

Spijkerbroek met klinknagels

Spijkerbroek met klinknagels

 
 

Lees: Kies een...de mode. (regel 2, 3)

In deze zin staat iets dubbelop.
Wat moet de schrijver weglaten?

  1. Weet je echt niet wat je aan moet trekken?
  2. Kies een spijkerbroek, want een spijkerbroek is
  3. steeds altijd in de mode. Maar sinds wanneer 
  4. bestaat de spijkerbroek eigenlijk? Om die vraag te
  5. beantwoorden, moeten we naar Californië. Daar
  6. werd ongeveer 150 jaar geleden goud gevonden.
  7. Veel mensen gingen daarheen in de hoop rijk te
  8. worden. Goud zoeken is hard werken, daar slijt
  9. kleding snel van. Levi Strauss, een naar Amerika
  10. geëmigreerde kleermaker, reisde erheen om werk-
  11. broeken aan goudzoekers en ook aan cowboys te
  12. verkopen. Strauss maakte de broeken eerst van
  13. canvas. Canvas is een sterke stof, maar het schuurt
  14. en zit helemaal niet lekker. Daarom ging hij een
  15. andere stof gebruiken. Die stof kwam van de Franse
  16. stad Nîmes en heette daarom Serge de Nîmes. Die
  17. stofnaam werd na verloop van tijd een naam die je
  18. vast wel kent: denim.


     
  19. Jacob Davis was ook een Amerikaanse kleermaker. 
  20. Hij kreeg op een dag de vraag van een klant of hij 
  21. een sterke broek kon maken. De klant klaagde dat de
  22. hoeken van zijn broekzakken steeds kapot scheurden.
  23. Davis dacht na over een oplossing. Hij maakte ook
  24. tuig voor paarden. Dat moet natuurlijk heel sterk zijn
  25. en hij gebruikte daarvoor vaak klinknagels. Klink-
  26. nagels lijken wel wat op spijkers. Hij bedacht dat hij
  27. met klinknagels de hoeken van broekzakken wel kon
  28. verstevigen. De klant was heel tevreden, zijn broek-
  29. zakken bleven nu heel. De klant kocht meer broeken
  30. bij Davis en vertelde het ook aan anderen. Andere
  31. kleermakers gingen de klinknagels toen ook
  32. gebruiken. 
     
  33. Davis wilde het exclusieve alleenrecht op zijn 
  34. formidabele innovatie. Daarvoor moest hij er eerst
  35. patent op zien te krijgen. Dat kostte toen 68 dollar en
  36. zoveel geld had Davis niet. Hij bedacht een plan. Hij
  37. kende Levi Strauss, die had vast wel genoeg geld voor
  38. een patent. Davis schreef hem toen een brief. Strauss
  39. vond de klinknagels een goed idee en hij vroeg toen 
  40. samen met Davis patent aan. Dat kregen ze in 1873.
  41. De werkbroeken die ze maakten waren eigenlijk halve
  42. overalls met bretels. Ze hadden een knoopsluiting, 
  43. want ritsen waren nog niet uitgevonden. Er kwamen 
  44. twee zakken voor, twee achter en een extra zakje 
  45. rechtsvoor voor een zakhorloge. De hoeken van de
  46. broekzakken werden natuurlijk met klinknagels 
  47. verstevigd. Maar de klinknagels in de achterzakken 
  48. beschadigden zadels en meubels, daar kwamen
  49. klachten over. Daarom verdwenen de klinknagels op
  50. de achterkant van de broek.


     
  51. De broeken die Levi Strauss maakte van Serge de
  52. Nîmes werden heel goed verkocht. De katoenen stof
  53. had een blauwe kleur. Die kleur kwam door een
  54. blauwe verfstof zogenaamd naar de Italiaanse stad
  55. Genua. In het Frans heette de blauwe verf: bleu de
  56. Gênes. De Gênes betekent letterlijk: uit Genua. Later
  57. werd de naam bleu de Gênes in het Engels veranderd
  58. in blue jeans of in jeans. De blauwe kleur slijt door het
  59. dragen langzaam weg en dan krijgt de broek een
  60. steeds lichtere kleur. Dat gebeurt vast ook bij jouw
  61. spijkerbroek. Maar eigenlijk is dat juist mooi, dat hoort
  62. echt bij spijkerbroeken!

Wil je ook de rest zien?