Terug
 

In welke zin is het dikgedrukte woord fout gespeld? [2]

In welke zin is het dikgedrukte woord fout gespeld? [2]

 
 
  1. De hond geeft een poot.
  2. Ik moet de plank schuren, hij is erg ruw.
  3. Ik poets de bak schoon.
  4. Ik sgeer mijn baard.

Wil je ook de rest zien?

In welke zin is het woord fout gespeld?